Dat Berlare dit seizoen in eerste provinciale voetbalt heeft het voor een deel te danken aan Stefaan Goossens. Toen het bestuur besliste om een eind te maken aan de samenwerking met Albert Cluyens, nam Goossens met succes over. Hij bracht opnieuw rust in de gelederen en loodste rood-wit, na vele jaren net niet, door de poort richting eerste. Een nieuwe titel zal er dit jaar niet in zitten, maar zonder ambitie is de trainer nu ook weer niet. Stiekem hoopt hij uit te groeien tot de revelatie. “Een zorgeloos seizoen draaien en het de toppers in de thuiswedstrijden moeilijk maken”, daarin kan ik mij vinden.
De rustperiode zit er bijna op. Snak je terug naar voetbal?
“Na twee en een halve maand zonder voetbal, ben ik klaar om terug te starten. De meeste ploegen in onze reeks zijn al aan het trainen, maar ik heb ervoor gekozen om de spelers een weekje langer rust te geven. Vorig seizoen was mentaal toch vrij zwaar voor de spelers. We moesten tot op de laatste speeldag vechten voor het kampioenschap. En de ploeg moet er maar staan tegen de eerste speeldag van de competitie, vroeger niet. ”
Hoe kijk je, nu alles een beetje geluwd is, terug op je eerste halve werkjaar?
“Toen ik begonnen ben bij Berlare waren er nog dertien wedstrijden te spelen. Ik voelde vanaf de eerste training dat de druk op de spelers om kampioen te spelen groot was. Door me op een menselijke manier op te stellen, veel te praten onder elkaar en in de trainingen een aantal spelletjes te integreren probeerde ik elke week de druk zoveel mogelijk weg te houden bij de spelers. Na de eerste wedstrijd tegen Schoonaarde waar we zeer slecht gespeeld hebben, maar met een gelukje wonnen, zijn we ook met vier achteraan gaan spelen. In het middenveld veranderde ik ook een aantal dingen en dat ging direct goed op Wetteren. Dat zijn we blijven doen tot de laatste wedstrijd. Van die laatste dertien wedstrijden hebben we er dan ook tien gewonnen,twee gelijk gespeeld en maar één verloren, op Melsele. Door deze 32 op 39 hadden we een uitstekend eindsprint met het gekende resultaat.”
Ben je blij met de geleverde inspanningen op de transfermarkt?
“Ik vind dat de transfers goed gelukt zijn, ja. De meeste spelers die we aangetrokken hebben, spelen al een aantal jaar in eerste provinciale. We hebben ook gekeken naar de ouderdom van de spelers. Ze zijn bijna allemaal onder de 30 jaar. Ik wilde geen spelers die uit nationale kwamen uitbollen in Berlare.”
Je kwam met Robur reeds uit in eerste. Is het verschil groot?
“Toch wel. Ten eerste op het fysieke vlak. Alle tegenstanders hebben veel meer lengte en loopvermogen in de ploeg. De snelheid van uitvoering is natuurlijk ook sneller, maar het grootste verschil zit bij de spitsen.In eerste worden de tachtig procent van de kansen omgezet in een doelpunt tegenover vijftig in tweede. Ik vind de reeks ook versterkt tegenover de twee laatste jaren. Er zijn volgens mij dit jaar geen zwakke ploegen zoals die er in de twee voorgaande jaren wel waren. Elke ploeg heeft zijn huiswerk goed gemaakt.”
Is Berlare voldoende gewapend?
“Ik denk het wel. Van de elf basis spelers van vorig seizoen zijn er negen gebleven en bij de nieuwkomers zit veel eerste provinciale-ervaring. Ik zie het dus wel zitten.”
Wat zijn onze troeven?
“Het enthousiasme van een nieuwkomer en een zeer brede kern met toch zeker twintig spelers die het niveau van eerste moeten aankunnen.”
Zal er veel veranderen in vergelijking met vorig seizoen?
“Er zal niet zoveel veranderen. De resultaten waren goed dus moet er ook niet veel veranderd worden.”
Al iets in gedachten?
“Hier wil ik liever niet op antwoorden. De spelers hebben het recht van dit eerst te weten voor het via de site naar buiten wordt gebracht.”
Je herstructureerde de kernen. Waarom precies?
“Een kern van ongeveer twintig man werkt gemakkelijker. Het niveau is op training dan ook hoger. En hoe beter je traint, hoe beter je speelt.”
In welke staat verwacht je je spelers present op de eerste training?
“Ik verwacht alle spelers in goede fysieke staat, zeker op gebied van uithouding. Ze moeten nog niet echt scherp zijn. Dat moet maar tegen begin september. Ik ga ervan uit dat we met volwassen mensen bezig zijn. Iedereen weet hoe hij het nieuwe seizoen moet voorbereiden. De spelers die nog niks gedaan hebben vallen toch door de mand en dat maakt het mij alleen maar gemakkelijker bij het maken van mijn selectie.”
Hoe bereid je jezelf voor op een nieuw seizoen?
“Ik heb al een aantal trainingen voorbereid. In de voorbereiding zijn er een aantal wedstrijden die echt dienen als test maar deze hou ik liever voor mezelf. Zo weet je op een bepaald moment hoever dat de groep staat.”
Waarmee zal je dit jaar tevreden zijn?
“Dat we dit jaar een zorgeloos seizoen draaien en dat we in de thuiswedstrijden het de toppers uit de reeks moeilijk maken. Een beetje zoals Doorslaar in onze reeks vorig jaar. Ik zal ook tevreden zijn moest het lukken dat er een aantal jonge spelers doorbreken. Dan denk aan De Roo,Van Den Bergh en Steven De Meester, die alle drie nog maar twintig zijn.
Bedankt Stefaan en veel succes dit seizoen aan het roer van rood-wit!